Publicatiedatum: 9 januari 2026
Waarom werkt een geneesmiddel bij de ene patiënt goed, terwijl een andere patiënt vooral bijwerkingen ervaart? En waarom lijkt een behandeling soms helemaal geen effect te hebben, ondanks correcte dosering en therapietrouw?
Een belangrijk deel van het antwoord ligt in farmacogenetica: het vakgebied dat onderzoekt hoe genetische verschillen tussen mensen de werking en verdraagbaarheid van geneesmiddelen beïnvloeden. Aanleiding van dit artikel is een interessante post van Peter Mourad op LinkedIn.
Wat is farmacogenetica?
Farmacogenetica richt zich op variaties in genen die betrokken zijn bij:
- de opname van geneesmiddelen
- de omzetting (metabolisme) in het lichaam
- de werking op receptoren en doelwitten
- het risico op bijwerkingen of toxiciteit
Deze genetische variaties kunnen verklaren waarom patiënten verschillend reageren op hetzelfde medicijn, zelfs bij gelijke diagnose, leeftijd en dosering.
Waarom is farmacogenetica relevant in de praktijk?
Veel geneesmiddelen worden door enzymen in de lever omgezet, met name door het cytochroom P450-systeem. Variaties in deze enzymen kunnen ervoor zorgen dat een patiënt:
- een geneesmiddel te langzaam afbreekt (met verhoogd risico op bijwerkingen)
- een geneesmiddel te snel afbreekt (waardoor het onvoldoende werkzaam is)
- een prodrug onvoldoende activeert
Bron: Academie Nieuwe Zorg

