Publicatiedatum: 5 maart 2026
Mariëtte Boon hield een voordracht na ontvangst van de NVE Novo Nordisk Award 2026. Daarin schetste zij hoe haar onderzoek naar bruin vet, etnische verschillen en stress bijdraagt aan een beter begrip van obesitas als endocriene ziekte.
In haar lezing keerde Boon terug naar de vraag die haar al sinds haar studententijd bezighoudt: hoe kan het dat sommige mensen relatief makkelijk aankomen, terwijl anderen veel kunnen eten zonder aan te komen? Dat wijst op individuele verschillen in energiehuishouding. Zij plaatste dit in een evolutionair kader. ‘De meeste mensen zijn genetisch ingesteld op het opslaan van energie. In tijden van schaarste was dat adaptief. In de huidige omgeving, waarin voedsel continu beschikbaar is, vormt die aanleg juist een risico.’ Inmiddels heeft meer dan de helft van de Nederlandse bevolking overgewicht of obesitas.
‘Vooral bij toename van visceraal vetweefsel zien we verstoringen in hormoonafgifte en accumulatie van immuuncellen, wat leidt tot laaggradige inflammatie.’ Deze processen dragen bij aan het ontstaan van type 2 diabetes, cardiovasculaire aandoeningen en verschillende vormen van maligniteit/ kanker. Dat onderstreept volgens Boon dat obesitas geen cosmetisch probleem is, maar een ziekte die gepaard gaat met fundamentele endocriene ontregeling. Een adequate behandeling van obesitas kan daarmee ook secundaire morbiditeit beperken.
Wilskracht
Ook wees zij op een hardnekkig stigma. ‘Er wordt vaak gedacht dat obesitas het gevolg is van gebrek aan wilskracht. Dat beeld is onjuist. Er is juist een groot aantal bijdragende factoren – van leefstijl tot medische factoren – die aan obesitas ten grondslag kunnen liggen.’ Volgens Boon is bij obesitas bovendien sprake van ontregeling van de eetlustregulatie. Zij noemde in dat verband ‘food noise’, een relatief nieuwe term waarmee wordt gedoeld op een voortdurende preoccupatie met eten. ‘Mensen kunnen een groot deel van de dag bezig zijn met eten; nadenken over wat en wanneer zij iets kunnen eten.’ Dit fenomeen weerspiegelt verstoring van verzadigings- en hongersignalen. Bij obesitas stijgen leptinespiegels, terwijl tegelijkertijd leptineresistentie ontstaat; ook GLP-1-signaaltransductie verandert en het hongerstimulerende hormoon ghreline blijft langer verhoogd. Deze gecombineerde hormonale ontregeling bemoeilijkt gewichtsreductie.
Bron: Endocrinologie

